Over exact veertien dagen is de ingreep achter de rug. Dan zit ik thuis met een opgezwollen gezicht, me af te vragen wat ik in hemelsnaam heb gedaan en waarom.
De cocktail aan gevoelens die daarbij hoort, is moeilijk te vatten. Mijn schouder staat strak van de spanning, mijn maag ligt in een knoop, en die kriebel in mijn keel voelt plots minder banaal dan een restje verkoudheid.
Alles komt samen: verwachting, twijfel, opluchting, angst.
Wanneer mensen me vragen of ik zeker ben, antwoord ik vaak te snel, te makkelijk. Alsof dat de vraag afsluit. Alsof “ja” voldoende is om de complexiteit ervan weg te duwen. Maar de gedachte om een gezond gezicht te laten opereren zonder exact te weten wat het resultaat zal zijn, is niet niks. De wetenschap dat deze onomkeerbare ingreep mijn leven, en dat van de mensen rond mij, een andere richting uitstuurt, weegt.
Ben ik zeker? Natuurlijk niet.
En toch voelt het tegelijk onvermijdelijk. Dit is geen plotse ingeving, geen fase, geen bevlieging. Dit is iets wat al jaren onder de oppervlakte zit, zich stil maar hardnekkig heeft opgebouwd, en zich niet meer laat wegduwen.
Zekerheid is ook niet het punt.
Dit moet.
Plaats een reactie