Vandaag had ik een consultatie met een plastisch chirurg van het genderteam in het UZ Gent. Met net iets te veel zelfvertrouwen stapte ik de lift in, mezelf wijsmakend dat dit maar een verplicht nummertje was. Een extra offerte om te kunnen vergelijken. En misschien ook omdat mijn reflectie in de ramen uitzonderlijk goed meewerkte.
De consultatie begon een half uur te laat, maar ik vergaf het hen snel. Waar ik eerder een glad verkooppraatje kreeg, botste ik nu op een academische aanpak: onderzoeken, objectieve adviezen, medische precisie. Geen offerte van twee lijntjes na één gesprek, maar een traject langs drie artsen en een scanner voor ik een finaal oordeel en gedetailleerde kostenraming krijg. Het voelde grondig, bijna geruststellend.
De terugweg was een ander verhaal. In de auto werd ik overspoeld door chaos, mijn gedachten gingen alle kanten op. Ik wist dat thuis mijn gezin op me wachtte. En dat mijn kinderen voor het eerst Britt zouden zien. Hoe dichter ik ons huis naderde, hoe meer ik op automatische piloot overschakelde. Tot ik de deur van de woonkamer opende en twee paar ogen mij fixeerden. Het moment was stil, ongemakkelijk. Ik vluchtte snel naar boven om me weer om te kleden.
De avond verliep dubbel. Mijn dochter kroop zwijgend tegen me aan en hield me stevig vast terwijl de televisie doordraaide. Mijn zoon daarentegen worstelde hoorbaar. In zijn bed vertelde hij dat hij het raar vond, dat hij liever zijn papa zag. Maar ook dat hij wil dat ik mezelf kan zijn. Tot daar mijn idee dat hij nog heel immatuur was.
Nu het huis stil is en iedereen slaapt, voel ik me leeg. Schuldig. Wat doe ik mijn kinderen aan? Waarom leg ik dit gewicht op hun schouders, zet ik hun geluk op het spel? Waarom voelt het alsof er afscheid genomen wordt van wie ik nu ben? Het is loodzwaar. Maar tegelijk ook intens en puur. Ik wil me oprollen en huilen.
Plaats een reactie